Jongens van de straat

We spreken Youness en Dedrick. Twee energieke jonge mannen. Allebei deelnemer van Turn-Over. Allebei blij met de kansen die Turn-Over biedt én allebei druk met hun nieuwe start.

Keerpunt
Youness, deelnemer van de eerste groep, is inmiddels in dienst van het project. Hij begeleidt huidige deelnemers, zowel fysiek als mentaal. ‘Wat mijn keerpunt was? De laatste jaren zat ik zo’n beetje de helft van de tijd vast. Tijdens mijn laatste detentieperiode keek ik een informatief televisieprogramma. Ik wist echt helemaal niets van wat er verteld werd. Ik voelde me dom, ik was blut en mijn ouders waren zo bezorgd en ongelukkig. Dat wilde ik niet meer. Ik wilde uit dat dal klimmen. Samen met de Jongerenwerker Langedijk ging ik op zoek naar een baan. Dat bleek nog niet zo gemakkelijk. Ik kom uit een grote familie waarvan een deel het verkeerde pad op is gegaan. We hebben ons, zacht gezegd, niet erg populair gemaakt in de regio, dus mijn achternaam werkte niet bepaald mee in de sollicitatieprocedures. Toen zagen we in de krant een advertentie van Turn-Over. Hoewel ik eerst wel twijfelde over het rugbygedeelte heb ik me toch aangemeld. De beste beslissing ooit!’ Dedrick, deelnemer van de huidige Turn-Over groep: ‘Ik kwam bij Exodus terecht en ontmoette daar een jongen die ook bij Turn-Over zat. Hij vertelde me over het rugbyproject en dat hij bezig was met een opleiding lassen. Dat wilde ik ook! Ik vroeg hem hoe ik ook bij het project kon komen. Zo kwam ik in contact met Joeri Peperkamp. Joeri weet deelnemers goed te motiveren en waar nodig een steuntje in de rug te geven. Hij is voor mij echt een mentor. Voor de jongere jongens is hij zelfs een vaderfiguur, we hebben veel aan hem te danken.’ 

Werk
Youness: ‘Solliciteren via de computer was voor mij een ramp. De nare associaties die aan mijn achternaam kleven hielpen niet mee. En je moet als allochtone jongen sowieso een beetje extra geluk hebben en hopen dat je achternaam geen vooroordelen opwerkt. Bij Turn-Over krijgt iedereen gelijke kansen. Werkgevers komen op het veld kijken, zien de jongens trainen en hard voor elkaar werken. Ik werk nu voor het project zelf. Ik kom drie dagen naar de club om trainingen te verzorgen. Nu nog samen met Lammert, straks mag ik ook zelfstandig trainingen geven. Daarnaast ben ik er om met de jongeren te praten en ze te motiveren. En verder ga ik vaak met Joeri op pad om presentaties te geven, want er is vanuit veel plaatsen in Nederland interesse voor het project.’  

Dedrick: ‘Waarschijnlijk ga ik binnenkort starten in de elektrotechniek bij Schouten Techniek. Maar het lassen laat me niet los, dus ik wil wel graag de opleiding gaan doen. Joeri helpt me daar bij. Over twee maanden ben ik klaar bij Exodus en dan ga ik op mezelf wonen. Ik zou Joeri graag willen helpen om meer jongeren naar het project te krijgen. Want het is iets heel moois wat hij doet.’ Dedrick vervolgt: ‘Ook Youness heeft me erg geholpen: hij leerde me dat het niet uitmaakt wat je achtergrond is, je kunt komen waar je wilt zijn. De werkgevers die vertrouwen op Turn-Over denken niet in hokjes. Ze hebben een fijne mentaliteit. Wij deelnemers worden niet veroordeeld op onze achtergrond of keuzes die we in het verleden hebben gemaakt. We krijgen echt een nieuwe kans!’ 

‘Toen ik zelf verkeerd bezig was, mocht ik jongerenwerkers niet,’ aldus Youness, ‘en nu ben ik er zelf een! Soms is het best lastig hoor, want wie ben ik? Sommige jongeren zijn bijdehand en luisteren niet. En ik weet: als een jongen niet wil, dan komt het ook niet goed. Je moet zelf willen veranderen, zelf uit die cirkel willen stappen. Ik denk dat iedere jongere uiteindelijk wil veranderen, want het is echt niks, dat niks doen.’  

Rugby
‘Ik dacht dat rugby niks voor mij was’, aldus Youness. ‘Nu is rugby voor mij echt sport nummer één. Heel anders dan voetbal, veel stoerder. Het is lekker fysiek, je voelt je een echte man. Je wordt groter en sterker en steviger. In het begin was al dat lichamelijk contact best apart, maar na een paar weken werd het echt leuk en nu wil ik niet meer zonder.’   ‘Ik hou erg van het fysieke van rugby. Ik heb gevoetbald, deed aan kickboksen en heb gezwommen, maar toen ik met rugby in aanraking kwam was ik meteen verkocht. De discipline, het teamverband en het respect zijn aansprekend. Of Turn-Over ook zo succesvol zou zijn met een andere sport? Nou dat weet ik niet hoor. Het succes van dit project heeft echt wel met de rugbysport te maken’, sluit Dedrick het gesprek af.              

Met trots werken wij o.a. samen
Stichting Turn-Over maakt gebruik van cookies

Wij plaatsen cookies om uw ervaring op de website te verbeteren. De cookies die vereist zijn om de website te gebruiken zijn wettelijk toegestaan. Voor de andere cookies kunt u hieronder toestemming geven.

meer informatie